featured

Intersnack: “Concurrenten werken samen voor een beter milieu.”

Annemarie Baardman is supply chain manager bij Intersnack, een Europese aanbieder van zoute snacks, noten en aanverwante producten, die in Nederland drie fabrieken heeft. Een jaar geleden nam zij samen met de transporteurs die voor Intersnack rijden het initiatief om vervoerstromen samen te voegen, waardoor er minder lege vrachtwagens op de weg zijn en CO2-reductie optreedt.

 In dit jaarverslag komen, zoals u misschien opvalt, meerdere supply chain managers van grote ondernemingen aan het woord. Al pratend met deze personen wordt duidelijk hoe breed het vakgebied ‘supply chain management’ feitelijk is. Zo ook bij Intersnack Nederland, waar Annemarie Baardman het vak uitoefent. Haar uitleg over de activiteiten waar zij met haar 20 personen sterk team verantwoordelijk voor is, maakt duidelijk welke aspecten men allemaal moet aansturen en beheersen. Dit zijn: het beheren van recepturen, artikelstamgegevens en systemen – het bestellen van grondstoffen en materialen die nodig zijn om te produceren – de planning van de productie – het vervoer van de fabrieken naar de magazijnen – opslag en voorraadbeheer in de magazijnen – vervoer naar de distributiecentra van de klant –klantcontact – orderverwerking – facturatie. Baardman: “Om al die aspecten te kunnen managen, moet je een goede ‘forecast’ kunnen maken: maanden van te voren moet je kunnen voorspellen wat de klant gaat kopen om op tijd grondstoffen en materialen voor de productie te kunnen bestellen. Onze noten komen uit diverse werelddelen, zoals Australië, Afrika en Zuid-Amerika. Die moeten we vroegtijdig inkopen. Op basis van onze voorspelling maken we ook een productieplanning. Per week stellen we vast welke producten we in onze fabrieken gaan maken.”

Producten
Het type product en de werkzaamheden verschillen per productielocatie. Baardman: “Op de hoofdvestiging in Doetinchem verwerken we verschillende noten tot halffabrikaat en gereed product, bijvoorbeeld borrelnoten, suikerpinda’s en pindakaas. Hier verpakken we ook pinda’s en cashewnoten. Onze fabriek in Hardinxveld-Giessendam is een verpakkingslocatie, waar we de noten en notenmixen stijlvol verpakken. In de fabriek in Lelystad verwerken we geen nootjes, maar maken we zoute snacks, popcorn en kroepoek. Bekende merken die we in Nederland produceren zijn Chio en Jack Klijn, maar ook allerlei huismerken komen uit onze fabrieken.” Niet alle producten worden overigens hier gemaakt. Intersnack Nederland is onderdeel van de Intersnack Group, dat zijn hoofdkantoor in Düsseldorf en verspreid over Europa 30 fabrieken heeft. “Pistachenoten betrekken we van ons Duitse zusterbedrijf, bijvoorbeeld. Die zijn daar erg goed in”, vertelt Baardman. “Omgekeerd kloppen onze zusjes bij ons aan voor borrelnoten en pindakaas. Daar zijn wij weer sterk in.”

Verspilling
Het regelen van de logistiek maakt ook een groot onderdeel uit van het werk van supply chain manager Annemarie Baardman. Voor de opslag en het transport binnen de Benelux werkt Intersnack samen met Nedcargo, terwijl de internationale opslag en transport door een andere dienstverlener wordt gedaan. “Met Nedcargo, voorheen Van Uden, werken we al sinds 1999 prima samen”, merkt Baardman op. “Een jaar geleden zijn we met onze logistiek dienstverleners om de tafel gegaan om te zien hoe we verspilling in het vervoer kunnen voorkomen. Een voorbeeld: een vrachtauto van de internationaal logistiek dienstverlener rijdt iedere ochtend leeg vanuit Doetinchem naar Tilburg om materialen te halen. Tegelijkertijd rijdt een lege wagen van Nedcargo uit Haaften naar onze fabriek in Doetinchem om producten op te halen die voor opslag in het Nedcargo-magazijn in Haaften bestemd zijn. Als je het goed bekijkt, rijden er dan twee lege wagens te veel, die elkaar onderweg ook nog praktisch passeren. Momenteel proberen we logistieke stromen zo te organiseren dat dit soort situaties zich minder voordoen. De wagen die elke dag naar Tilburg rijdt, bijvoorbeeld, wordt nu bij Intersnack geladen met producten voor het magazijn in Haaften, waar de auto toch langskomt. Na het lossen in Haaften rijdt de wagen door naar Tilburg. Dat levert een CO2- en kostenreductie op. Wat ook bijzonder is, is dat concurrenten hierbij samenwerken voor een beter milieu. Ritten die normaliter door Nedcargo worden gereden, worden door collega-dienstverleners gedaan en andersom, als dit ten goede komt aan een meer duurzaam vervoer”